fr en de nl

«Luxemburg, dat kleine land met zijn grote wijnen»
Charles de Gaulle

Duizenden jaren geleden al ontdekten gepassioneerde wijnbouwers de zonovergoten hellingen van de Moezelvallei. En sinds mensenheugenis wordt hier dan ook aan wijnbouw gedaan. De Luxemburgse wijngaarden lopen over een afstand van 42 km -van Schengen tot Wasserbillig - en over een strook van zo’n 300 à 400 m breed. Door de eeuwen heen hebben edele druivenrassen hier hun ideale terroir gevonden: een kalkbodem in het Noorden en een kleihoudende mergelbodem in het Zuiden. De wijnen die van deze wijngaarden afkomstig zijn, worden gekenmerkt door een delicate frisheid en een elegante finesse. En dan hebben we het niet alleen over stille wijnen, maar ook over schuimwijnen en crémants.